Vrijdag is het zover.
Vanaf vrijdagavond zijn we weer 11 dagen op zwier met J&G. Deze keer naar Hongarije (Tahitotfalu) met 41 16 jarigen.
En voor zo een kamp krijg je elke keer een boekske met laatste richtlijnen.
Er staat een stukske in over zakgeld :
Wij denken dat voor deze vakantie 50 euro ruimschoots volstaat.
De nationale munteenheid is de Hongaarse Forint. Je kan deze munt reeds in België wisselen maar het is goedkoper dit ter plaatse te doen. Hiervoor is zeker de gelegenheid. Bij de tussenstops van de bus wordt in EURO betaald!
Ok, laat ons effe logisch nadenken.
We vertrekken vrijdagavond met nen bus.
We komen daar dus ter plekke aan op zaterdag in de late namiddag.
In ons dorpke daar is geen bankautomaat, of wisselkantoor.
Sanderendaags trekken we wel naar een groter dorpke, waar ze da wel hebben, maar dan is het wel zondag natuurlijk…
En hebben 16-jarigen al Maestro-bankkaarten? En hebben ze die mee op kamp naar Hongarije?
Besluit, ik voorspel ongeveer volgende conversatie :
- Leider, leider, wanneer kunnen wij geld wisselen?
- Ah, da gaat hier nie
- Hoe, wa? Maar in het boekske stond da we da hier konden wisselen! En hoe moet ik nu aan geld geraken om iets te kopen of te drinken?
- Jammer, maar tis weekend, ge gaat tot maandag moeten wachten
- Tot maandag! Maar da gaat toch nie? En wa moet ik dan ondertussen doen?
En waarschijnlijk komen ze dan even later allemaal tegelijk af :
- Leider, leider, kunt gij ons dan geen geld voorschieten?
Zucht.